Select region: 

As of June 2017 all Government News has been added to the Government News Archive. We look forward to providing you with more services through our Government Publications. Stay tuned for more insights on our new website releasing soon.

Officiële reserves Curaçao en St. Maarten op 2 miljard gulden

19 JUNI 2013

Analyse deviezenstaat wijst op stabilisatie netto buitenlandse vorderingen

Willemstad – De officiële deviezenreserves van Curaçao en Sint Maarten conform de definitie van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) zijn ten opzichte van voorgaande jaren nog altijd aan de lage kant, maar de netto buitenlandse vorderingen (NBV) lijken zich langzaamaan te stabiliseren en te herstellen.

Dit blijkt uit de deviezenstaat die de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten (CBCS) wekelijks publiceert. De meest recente dateert van 13 juni 2013. President directeur Emsley Tromp stelt hiermee de regering en via de website het maatschappelijk verkeer regelmatig op de hoogte van de ontwikkelingen in de deviezenvoorraad. De officiële reserves bedroegen per begin juni 1.968,6 miljoen gulden (bijna 2 miljard). Ter vergelijking: een maand eerder was dit 1.974,5 miljoen; in april 1.950,7 miljoen; maart 1.974,6 miljoen; februari 1.992,6 miljoen; en het jaar begon met een stand van ruim 2 miljard namelijk 2.010,6 miljoen.

De voorgaande jaren bedroegen de officiële reserves, nogmaals conform de definitie van de deviezenvoorraad van het IMF (zonder de goudvoorraad meegerekend), circa 300 miljoen gulden meer dan nu het ge val is. Namelijk 2.308,9 miljoen in december 2011; 2.260,4 miljoen in december 2010; en zelfs 2.347,4 miljoen in december 2009. Van de officiële reserves gaan nog de verplichtingen aan niet ingezetenen af en dan ontstaat het begrip ‘netto officiële reserves’. Dat bedraagt op het moment 1.337,3 miljoen. Ook hier waren de netto reserves de voorgaande periode hoger, namelijk 1.419,4 miljoen begin dit jaar en bijvoorbeeld bijna 1,6 miljard in 2010.

De CBCS komt in de deviezenstaat met een berekening van de zogeheten ‘netto buitenlandse vorderingen’ (NBV). Dat zijn de netto officiële reserves plus de netto buitenlandse vorderingen van de commerciële banken. Dit laatste is al jaren een bedrag in de plus (buitenlandse vorderingen commerciële banken minus de buitenland se verplichtingen van de commerciële banken), hoewel ook deze plus de afgelopen jaren wel is afgenomen. Momenteel zijn de netto buitenlandse vorderingen commerciële banken bijna 900 miljoen gulden (893,8 om precies te zijn). In december 2012 stond deze teller nog op 688,6 miljoen, fors lager dus, maar twee jaar eerder  in december 2010  stond de netto buitenlandse vorderingen van banken op 1.163,7 miljoen.

Voor de Centrale Bank is de eerdergenoemde NBV  netto buitenlandse vorderingen (de officiële reserves en de netto buitenlandse vorderingen van ban ken bij elkaar opgeteld) van belang. Dan is een zekere stabilisering te zien tussen de situatie nu en die vanaf 2011, hoe wel in de jaren daarvoor de NBV hoger was. De NBV is per juni 2.231,1 miljoen. Hoger dan de 2.147,4 miljoen in januari en vergelijkbaar met de 2.250,3 miljoen in december 2011 (ander half jaar geleden dus).

Van enige stabilisatie lijkt sprake, maar in de deviezenstaat van de Centrale Bank overheersen nog steeds de minnen over de plussen als het om vergelijkingen met de vorige standen gaat, omdat in juni 2013 nog al tijd niet de niveaus werden bereikt van de betere jaren 2009 en 2010, vlak voordat Curaçao en Sint Maarten ieder de status van land kregen.

Bron: Antilliaans Dagblad, Curacao

Share this page:
« Back
Back to Top